Meer
Publicatiedatum: 13-11-2020

Inhoud

Programma onderdelen

Onderhoud kapitaalgoederen

Onderhoud kapitaalgoederen

Wegen

Basisgegevens/uitgangspunten

De gemeente Aa en Hunze heeft 2.869.788 m² aan verharding in beheer en onderhoud. Hiervan is 1.676.473 m² asfaltverharding, 1.076.185 m² elementenverharding en 114.130 m² betonverharding. Het gehele areaal aan verharding bestaat voor 78% aan rijbanen en 22% uit fietspaden, voetpaden en parkeerplaatsen.

A. Het beleidskader
In 2015 is het Beleidsplan voor een volgende planperiode (2016-2020) door de raad gecontinueerd. Het doel van het wegenbeleidsplan is ervoor te zorgen, dat het onderhoud van de gemeentelijke wegen wordt uitgevoerd aan de hand van een vooraf afgesproken kwaliteit.

In het Beleidsplan is als uitgangspunt het kwaliteitsniveau Basis gecontinueerd. Kwaliteitsniveau Basis staat gelijk aan de ondergrens van verantwoord wegbeheer volgens de CROW-wegbeheersystematiek (Centrum Regelgeving en Ontwerp Weg- en waterbouw). De afgelopen onderhoudsperioden hebben uitgewezen dat dit kwaliteitsniveau een prima uitgangspunt is om ook in de toekomst verantwoord wegbeheer binnen de gemeente uit te blijven voeren.

B. Uit het beleidskader voortvloeiende consequenties
Inspecties e.d. laten zien dat het gekozen onderhoudsniveau Basis voldoende is om het wegenonderhoud op deze voet door te zetten. Het niveau van de wegen was dusdanig goed dat het verantwoord was om het bedrag, vanuit de exploitatie in de voorziening wegenonderhoud gestort, voor de planperiode 2016 – 2020 met € 120.000 naar beneden bij te stellen.  In het planjaar 2019 hebben we wel te maken gehad met droogtescheuren in het veengebied; een fenomeen wat niet eerder was voorgekomen. 

C. De vertaling van de financiële consequenties in de begroting
Het bedrag voor groot wegenonderhoud in de begroting dat wordt toegevoegd aan de voorziening vanuit de planperiode 2016 - 2020 is nu € 633.000 per jaar.

Op basis van de nieuwe uitgevoerde visuele weginspectie blijkt dat bijstelling in de komende planperiode 2021-2025 noodzakelijk is om het kwaliteitsniveau “Basis” als beleidsuitgangspunt voor het wegenonderhoud te blijven houden. Voor de planperiode 2021-2025 dient de structurele uitgave voor de voorziening wegen bijgesteld te worden met een jaarlijks bedrag van € 127.000,-.  Middels actualisatie van het “Beleidsplan wegen” zal het college en raad nog nader moeten besluiten. Behandeling van het beleidsplan voor college en raad staat voor het eerste kwartaal 2021 gepland. In de begroting 2021 nemen we de bijstelling op voorhand mee.

Door het gevoerde beleid is het niveau van onze wegen op een dusdanig niveau dat we in de planperiode 2016-2020 met minder geld uit konden. Voor de komende periode (2021-2025) is bijstelling van de structurele uitgaven noodzakelijk om het kwaliteitsniveau “Basis” vast te houden. Met deze bijstelling zitten we budgettair weer op het "oude niveau".

D. Voortgang
We gaan naar het einde van de planperiode 2016-2020. De uitvoering van de voorliggende jaren is conform het onderhoudsprogramma uitgevoerd. Op basis van uitgevoerde visuele weginspectie blijkt dat bijstelling in de komende planperiode 2021-2025 noodzakelijk is om het kwaliteitsniveau Basis als beleidsuitgangspunt voor het wegenonderhoud te blijven houden. Middels actualisatie van het Beleidsplan wegen zal het college en Raad nader moeten besluiten. Dit staat voor het eerste kwartaal 2021 gepland. Voorgesteld wordt dan om voor de komende planperiode 2021-2025 een bijstelling van de structurele uitgaven om aan het kwaliteitsniveau op “Basis” te blijven voldoen.

Water en kunstwerken

A. Het Beleidskader

De gemeente Aa en Hunze heeft 125 ha binnenwater. Daarnaast heeft de gemeente 37 vaste bruggen, 12 beweegbare bruggen, 13 steigers, 8 andere voorzieningen zoals bv. rolpalen, kademuur, leuningen e.d. en 5.310 m1 walbeschoeiing.

B. Uit het beleidskader voortvloeiende consequenties.

Het jaarlijkse onderhoud wordt uitgevoerd op basis van het beheerprogramma bruggen. In de begroting is hiervoor een structureel budget opgenomen.

C. De vertaling van de financiële consequenties in de begroting

In de begroting 2021 is een bedrag van € 176.000 aan directe kosten opgenomen voor het onderhoud van sloten, bermsloten, sluizen en waterkeringen. Daarnaast is een bedrag van € 127.000 opgenomen voor regulier onderhoud aan waterstaatkundige werken, zoals bruggen, kano- en vissteigers. Voor groot onderhoud aan de bruggen van het Grevelingskanaal wordt jaarlijks een bedrag van € 44.000 toegevoegd aan de voorziening.

D. Voortgang

Periodiek wordt het onderhoudsprogramma vastgesteld en uitgevoerd om het onderhoudsniveau op een aanvaardbaar/voldoende niveau te brengen.

De gelden, die opgenomen zijn in de begroting, worden voor de bruggen aangewend. Hierbij worden leuningen vervangen en/of geschilderd, wordt betonrenovatie uitgevoerd en worden vernieuwingen aan brugdekken uitgevoerd. De beheerplannen voor bruggen en beschoeiing van het Grevelingkanaal en het vijveronderhoud zijn in het eerste kwartaal van 2017 geactualiseerd. Voor de overige bruggen geldt dat op basis van de gegevens uit inspectie 2018 blijkt dat de onderhoudstoestand van de bruggen op een voldoende niveau is (beoordeling is uitgevoerd volgens CROW publicatie 288).

 

Riolering

Basisgegevens/uitgangspunten

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de rioleringsvoorzieningen in de gemeente Aa en Hunze.

Rioleringsvoorzieningen
Vrijverval riolering 275 km
Mechanische riolering 130 km
Hoofdgemalen 30 stuks
Minigemalen 460 stuks
Randvoorzieningen 10 stuks
IBA’s 35 stuks
Kolken 12560 stuks
Vijvers 26 stuks

A. Het Beleidskader

In 2020 is het Gemeentelijk RioleringsPlan (GRP) door de raad vastgesteld voor de planperiode 2020-2024. Aan het beleid ligt de volgende visie ten grondslag:

Aa en Hunze wil beschikken over een duurzaam en robuust water- en rioleringssysteem in het bebouwd gebied. We hebben inzicht in het systeem en beheren het doelmatig, waardoor de lasten zo laag mogelijk blijven en overlast van water tot een minimum is beperkt. Gebruikers kunnen eenvoudig terecht bij de gemeente met klachten en vragen, maar we doen ook een beroep op hun eigen verantwoordelijkheid.

Met dit plan geven wij invulling aan de wettelijke verplichting om vast te leggen hoe wij inhoud geven aan de zorgplicht voor het afvalwater, regenwater en grondwater. De zorgplichten zijn vertaald naar doelen. Aan de hand van onze visie hebben we speerpunten voor de komende planperiode bepaald, te weten:

  1. Inzicht in de werking van het systeem vergroten.
  2. Duurzaamheid vergroten.
  3. Anticiperen op klimaatverandering.
  4. Samenwerking met waterketenpartners versterken.

In Groningen en Noord-Drenthe gaan gemeenten, waterschappen en waterbedrijven meer samenwerken in de waterketen. Dit wordt langs 2 sporen bereikt; regionaal en per cluster. In de samenwerkingsregio Groningen en Noord Drenthe is een nieuw bestuursakkoord opgesteld voor de periode 2020-2025 waar de nadruk ligt op de onderdelen Kwetsbaarheid en Duurzaamheid. Het cluster Kop van Drenthe bestaat uit de gemeenten Tynaarlo, Assen, Noordenveld en Aa en Hunze en de waterschappen Hunze en Aa’s en Noorderzijlvest. In 2020 is gewerkt aan de actualisatie van het Waterakkoord Kop van Drenthe. In dit waterakkoord leggen de deelnemers afspraken vast en wordt een maatregelenprogramma opgesteld voor de periode tot 2025. 

B. Uit het beleidskader voortvloeiende consequenties

In dit GRP is gekozen om onze leefomgeving duurzaam en klimaatrobuust in te richten en tevens een subsidieregeling voor het afkoppelen van regenwater vast te stellen. De ontwikkeling van de rioolheffing is dynamisch, waarbij -aan de hand van het jaarprogramma- ieder jaar een actualisatie plaats vindt van de berekening. Op die wijze is de ontwikkeling van het tarief in balans met de werkelijke kosten. Om tarief stabiel te houden wordt gewerkt met een voorziening.

De maatregelen in ons GRP stemmen we af op het waterakkoord van het cluster en de regionale samenwerking.

C. De vertaling van de financiële consequenties in de begroting

Door het structureel verlagen van de kapitaallasten (bereikt door inzet van de voorziening) kan het tarief gelijk blijven ten opzichte van 2020.  Op basis van het huidige GRP zijn de tarieven stabiel. Om dit stabiele tarief te kunnen handhaven maken we gebruik van een voorziening. Hoe de tarieven zich na 2021 ontwikkelen is afhankelijk van de uitkomsten van het klimaatadaptatiebeleid en bijbehorende uitvoeringsagenda (medio 2021).

D. Voortgang

De in de begroting opgenomen bedragen voor het onderhoud worden daarvoor in het desbetreffende jaar ingezet. Werkzaamheden worden zoveel mogelijk afgestemd met onze waterketenpartners, waardoor werkzaamheden in de tijd kunnen verschuiven.

 

Gebouwen

Basisgegevens/uitgangspunten

De gemeente Aa en Hunze heeft 50 gemeentelijke accommodaties. Deze 50 accommodaties bestaan uit onder andere 3 kerktorens, 3 molens, 3 multifunctionele accommodaties, 2 zwembaden, 3 sporthallen, 2 gymnastieklokalen, 1 sportzaal, 18 dorpshuizen (waarvan 7 in eigendom), 1 loods met overkapping voor Openbare Werken, 4 brandweerposten, 1 gemeentehuis, 1 afvalbrengstation en 18 overige locaties. Door de verzelfstandiging van het openbaar basisonderwijs per 1 januari 2010 (stichting PrimAH) en de overheveling van het groot onderhoud per 1 januari 2015 is de gemeente niet meer verantwoordelijk voor het onderhoud van de schoolgebouwen. Als gevolg van de bevolkingskrimp is het eigendom én het onderhoud van de schoolgebouwen in Schipborg, Nieuw Annerveen, Annerveenschekanaal en Gasselternijveenschemond weer terug gegaan naar de gemeente. De schoolgebouwen in Schipborg en Gasselternijveenschemond zijn inmiddels verkocht.

A. Het Beleidskader

Het kader voor het onderhoud van de gebouwen is de door de raad vastgestelde “nota onderhoud gebouwen”. Het betreft hier het onderhoud van de gemeentelijke gebouwen, exclusief de dorpshuizen en monumenten. In deze nota wordt gestreefd naar een onderhoudsniveau tussen de conditieschalen 2 en 3, wat overeenkomt met een goede tot redelijke onderhoudstoestand. Om een bijdrage te leveren aan de taakstellende bezuiniging voor de komende jaren is het onderhoudsniveau teruggebracht naar conditieschaal 3. Het gebouwenonderhoud vindt plaats op basis van onderhoudsbegrotingen in de vorm van een zogenaamde meerjarenraming voor een periode van 10 jaar. In opdracht en voor rekening van de stichting PrimAH vindt voor de openbare basisscholen vierjaarlijks een actualisatie van de onderhoudsbegroting plaats en voor de overige gebouwen driejaarlijks. Hiervoor wordt een inspectie ter plaatse uitgevoerd. Het onderhoud van dorpshuizen vindt plaats op basis van de notitie dorpshuizenbeleid die door de raad is vastgesteld. Het beheer en onderhoud van de gebouwen van de voetbalverenigingen is de verantwoordelijkheid van de vereniging geworden.

B. Uit het beleidskader voortvloeiende consequenties

Het gebouwenonderhoud wordt conform de Meerjarenonderhoudsplanning (MJOP) en het beleidskader uitgevoerd. Over de eventuele (financiële) consequenties van de driejaarlijkse inspectie zal uw raad in de voortgangsrapportages en de begroting worden geïnformeerd.

In 2016 is de MJOP van de gebouwen en de monumenten voor de periode 2017-2028 geactualiseerd. De actualisatie van de MJOP van de dorpshuizen voor de periode 2021-2030 heeft vertraging opgelopen en is in de tweede helft van 2020 afgerond. 

C. De vertaling van de financiële consequenties in de begroting

Conform het meerjarig onderhoudsschema gemeentelijke gebouwen is voor groot onderhoud en schilderwerk van gemeentelijke gebouwen (excl. monumenten, schoolgebouwen en dorpshuizen) structureel respectievelijk € 225.000 en € 96.000 in de begroting opgenomen.

Voor groot onderhoud en schilderwerk van monumenten is dat bedrag respectievelijk € 33.000 en € 19.000 structureel. Daarnaast is een bedrag van € 272.000 beschikbaar in de exploitatie voor regulier onderhoud van de gemeentelijke gebouwen (excl. schoolgebouwen en dorpshuizen). Hiervan is € 27.000 voor monumenten.

Voor het groot onderhoud van dorpshuizen is in de exploitatie jaarlijks een bedrag van € 59.000 beschikbaar; dit bedrag maakt onderdeel uit van een subsidieregeling. Door een taakstellende bezuiniging wordt nog 70% van de kosten gesubsidieerd.

Per 1 januari 2015 is het buitenonderhoud voor de scholen voor primair en (voortgezet) speciaal onderwijs (niet meer in onze gemeente) overgeheveld van de gemeente naar de schoolbesturen. De schoolbesturen hebben nu de (financiële) verantwoordelijkheid voor het totale onderhoud van hun schoolgebouwen, inclusief (functionele) aanpassingen van het gebouw.

D. Voortgang

De in de onderhoudsbegroting geraamde werkzaamheden worden aan het begin van het jaar op een lijst van “uit te voeren werkzaamheden” geplaatst. Bij deze lijst wordt een planning opgesteld voor het desbetreffende jaar. Uitgangspunt is de werkzaamheden in het geraamde jaar uit te voeren. Bij een aantal omvangrijke werkzaamheden komen de bedragen in een periode van 2 of 3 jaar beschikbaar. Afhankelijk van de uit te voeren werkzaamheden dient de uitvoering overigens wel aaneengesloten plaats te vinden.

 

Groen

Onderstaande tabel geeft een overzicht van het gemeentelijk te beheren groen.

Groenbeheer binnen de kom
Bomen 28.000 stuks
Monumentale bomen 180 stuks
Gazon 130 hectare
Ruw gras 15,5 hectare
Struiken 34,5 hectare
Vaste planten 1.400 m2
Plantenbakken 30 stuks
Parkbos 25,5 hectare
Groenbeheer buiten de kom
Bomen 60.000 stuks
Gazon 7 hectare
Ruw gras 300 hectare
Bosplantsoen/struiken 12,5 hectare

Basisgegevens/uitgangspunten

Van het totale areaal openbaar groen dat de gemeente in onderhoud heeft, wordt een deel uitgevoerd in eigen beheer en een deel uitbesteed aan de particuliere markt. Het grootste deel van het onderhoud wordt uitbesteed aan voormalig Alescon, nu WPDA.

A. Het beleidskader

Het groenbeheer systeem is gebruikt om bestekken op te stellen van werkzaamheden die nu in uitvoering zijn.

B. Uit het beleidskader voortvloeiende consequenties

Na de vulling van het groenbeheer systeem is een visie over het groenbeheer in onze gemeente opgesteld. De visie wordt gebruikt bij het opstellen van de onderhoudsbestekken. De onderhoudsbestekken binnen de bebouwde kom worden hoofdzakelijk uitgevoerd door iWerk.  Het bomenbestand van de gemeente Aa en Hunze kampte met achterstallig onderhoud. Voor het wegwerken van dit achterstallig onderhoud zijn extra middelen beschikbaar gesteld.  Daarmee is het wegwerken van achterstallig onderhoud in de hele gemeente inmiddels afgerond. Om niet weer in een zelfde situatie terecht te komen is een structurele oplossing noodzakelijk. In deze begroting wordt daar op ingezet.

In het snoeiseizoen 2020-2021 wordt gestart met planmatig structureel bomenonderhoud.
De gemeente is in drie gelijkwaardige gebieden verdeeld, genummerd van 1 t/m 3. De bomen binnen gebied 1 zijn in 2020 visueel beoordeeld. Op basis van de uitkomsten van de boominspectie wordt geprioriteerd. Er wordt een werkverdeling gemaakt waarbij de jonge bomen tot een hoogte van ca 15 meter door de gemeentelijke buitendienst worden gesnoeid. De grotere bomen worden door een aannemer gesnoeid. Het snoeiwerk is Europees openbaar aanbesteed. Aan het eind van 2020 is zowel door  de aannemer als de eigen buitendienst gestart met de uitvoering van het werk.

C. De vertaling van de financiële consequenties in de begroting

Om het bomenonderhoud structureel te kunnen voortzetten, zodat niet opnieuw achterstanden worden opgelopen, is een verhoging van het  budget voor structurele bomenonderhoud met € 200.000, - per jaar noodzakelijk. Dit bedrag is opgenomen in de ambities.

D. Voortgang

Voor het boombeheer wordt een vervolg gegeven aan de uitvoering van de VTA (Visual Tree Assessment). Het college heeft zich uitgesproken voor het invoeren van structureel boombeheer. De raad zal zich in de begroting 2021 uitspreken over de benodigde verhoging van het structurele bomen onderhoudsbudget met € 200.000, - per jaar om structureel bomenonderhoud mogelijk te maken. Het huidige beschikbare budget in combinatie met de capaciteit van de eigen dienst is onvoldoende voor de jaarlijkse werkvoorraad.

Recapitulatie van het middelenbeslag op het gebied van kapitaalgoederen in de productenraming 2021 , inclusief salarissen en tractie Toelichting
De in de recapitulatie genoemde bedragen komen niet allemaal terug in de teksten van deze paragraaf.
Pijler taakveld Lasten % totale
uitgaven
Wegen
4 2.1.1 Verkeer en vervoer algemeen 774.000 1,25
4 2.1.2 Wegen 485.000 0,78
4 2.1.2 Toevoeging voorziening wegen 633.000 1,02
4 2.1.3 Wegmeubilair 429.000 0,69
4 2.1.4 Overige aangelegenheden wegen, straten, pleinen 414.000 0,67
Water en kunstwerken
3 5.7.3 Afwatering 176.000 0,28
Riolering
4 7.2.1 Riolering algemeen 1.448.000 2,34
Gebouwen
div. div. Regulier onderhoud 299.000 0,48
Schilderwerk 114.000 0,18
Groot onderhoud 224.000 0,36
Groen
3 5.7.1 Openbaar groen algemeen 1.462.000 2,36
3 5.7.2 Openbaar groen 1.651.000 2,67
Totaal 8.109.000 13,08