Omschrijving
Toelichting rekeningresultaat 2025
Ad. 1 Toeristenbelasting, voordeel € 498.000
Het voordeel op de opbrengst toeristenbelasting wordt veroorzaakt door een goed toeristisch jaar met meer overnachtingen ten opzichte van een (voorzichtige) raming, correcties en aanvullende schattingen voorgaande jaren.
Ad. 2 Algemene uitkering, voordeel € 393.000
Het voordeel binnen de algemene uitkering wordt veroorzaakt door de extra incidentele budgetten die zijn toegekend in de decembercirculaire ad € 265.000. Deze middelen kunnen niet meer worden verwerkt binnen de begroting omdat deze pas in december bekend geworden zijn. Van dit voordeel kan een bedrag ad € 104.000 nog worden toegerekend aan het Sociaal Domein, als bijdrage in de hogere kosten. Daarnaast wordt een bedrag ad € 164.000 in 2026 ingezet voor energiehulp, kinderopvangkosten van pleegouders en voor de uitvoering van de Regiewet Volkshuisvesting.
Het overige voordeel ad € 128.000 wordt veroorzaakt door mutaties in de uitkering over oude jaren.
Ad. 3 Minimabeleid, voordeel € 114.000
Als gevolg beperkte beschikbare capaciteit heeft de focus in het eerste deel van 2025 vooral gelegen op uitvoering en continuering van het armoedebeleid en is op een later moment dan in eerste instantie beoogd gestart met de intensieve doorontwikkeling hiervan. Hierdoor zijn niet alle begrote middelen uitgegeven wat resulteert in 2025 in een voordelig resultaat van € 114.000.
Ad. 4 Wegen afschrijving, voordeel € 97.000
In de begroting zijn investeringsbedragen opgenomen voor onder meer infrastructurele werken. Volgens het afschrijvingsbeleid van de gemeente start de afschrijving in het jaar nadat een investeringsproject is afgerond. Een aantal projecten uit 2025 en eerdere jaren is echter nog niet afgerond. Daardoor is de afschrijving voor deze projecten nog niet gestart. Dit leidt tot een incidenteel voordeel op de afschrijvingslasten van € 97.000.
Ad. 5 Vernieuwing BBV, voordeel € 91.000
Dit is een eenmalig voordeel van € 91.000 op de stelpost om verschillen in de begroting op te vangen. Het geraamde bedrag verschilt per jaar. Deze post helpt om de begroting zo stabiel mogelijk te houden.
Ad. 6 Peuterspeelzalen, voordeel € 86.000
In de jaarrekening van de gemeente Aa en Hunze is op het onderdeel Peuterspeelzalen een voordeel van € 86.000 zichtbaar. De middelen die wij vanuit het Rijk ontvangen voor het kansenbeleid en voorschoolse voorzieningen worden primair ingezet als dekkingsmiddel. Aanvullend worden, indien nodig, gemeentelijke eigen middelen aangewend. Deze werkwijze leidt structureel tot een voordeel van € 86.000.
Ad. 7 Pensioenen (voormalige) wethouders, nadeel € 617.000
Momenteel vallen de wethouders pensioenen onder de APPA. De Eerste Kamer wil dat de pensioenen van wethouders en andere politici op dezelfde manier worden geregeld als die van andere werknemers in Nederland. Het kabinet stelt voor om deze pensioenen, die nu onder de APPA vallen, vanaf 1 januari 2028 verplicht onder te brengen bij het ABP.
Op dit moment heeft de gemeente zelf een voorziening voor de APPA op de balans staan. Voor de overgang naar het ABP moeten de huidige pensioenrechten worden omgezet. Voor deze omzetting is een eenmalige kapitaalstorting nodig van € 992.000 nodig. Hiervoor is bij de najaarsnota reeds een bedrag van € 375.000 gereserveerd. De aanvullende storting bedraagt dan €617.000.
Ad. 8 Participatiewet, nadeel € 465.000
De stijging van de bijdrage bevindt zich op de Uitkeringen Participatiewet (€ 490.000). Begroot zijn 318 uitkeringen, gerealiseerd zijn uiteindelijk 338. Ten opzichte van begroot is er dus sprake van een volumenadeel van 20 uitkeringen, wat neerkomt op ongeveer € 315.000. De toename van het bijstandsvolume die in voorgaande jaren heeft plaatsgevonden werkt ook vertragend nadelig door in de financiering over 2025 (€ 175.000). De uiteindelijke afrekening van het BBZ valt met een bedrag van € 24.000 in het voordeel uit van onze gemeente.
Ad. 9 Voorziening verlofsparen, bovenwettelijk en IKB verlof, nadeel € 421.000
Op grond van een hoger saldo verlofsparen en bovenwettelijk verlof/IKB dient er een extra bedrag gedoteerd worden aan de voorziening. Daarnaast zijn de gemiddelde uurlonen gestegen; dit is ook meegenomen in de berekening. Per saldo is er € 421.000 aan de voorzieningen gedoteerd in 2025.
Ad. 10 Woningbouwprogramma, nadeel € 155.000
Voor de gemeentelijke medewerking aan particuliere woningbouwprojecten vragen we van de ontwikkelaar een bedrag per woning (regeling kostenverhaal). Op dit moment lopen de inkomsten nog achter omdat een aantal projecten al was opgestart voordat de regeling van kracht was en de doordat de projecten in een langzamer tempo starten dan was gedacht.
Verwachting is dat we op korte termijn toegroeien naar een opbrengst die minimaal gelijk is aan de raming.
Ad. 11 Overige verschillen, voordeel € 19.000
De overige verschillen bedragen per saldo € 19.000 voordeel, dit bestaat uit meerdere posten en wordt niet verder verklaard.
Ad. 12 Vrijval incidentele budgetten, voordeel € 237.000
Een aantal incidentele budgetten betreffende voorgaande jaren kunnen vrijvallen waarvan de activiteiten gereed zijn of niet meer tot uitvoering komen. Het betreft o.a. het beheerplan wandelbos Zwanemeer € 80.000 en het leefbaarheidsfonds € 91.000 en overige kleine budgetten € 66.000. Voor een overzicht zie de bijlage reserve onderhanden werk.
Ad. 13 Realisatiestimulans woningbouw, voordeel € 154.000
De Realisatiestimulans is een nieuwe landelijke regeling vanaf 2025 bedoeld om gemeenten financieel te ondersteunen bij de bouw van meer betaalbare woningen (sociale huur, middenhuur en betaalbare koop). Gemeenten ontvangen een vaste vergoeding van € 7.000 per betaalbare woning waarvan de bouw is gestart. In 2025 is er gestart met de bouw van 22 woningen, die aan de criteria voldoen. Hiervoor kunnen we via de SiSa regeling een bedrag ontvangen van € 154.000, dit bedrag was niet begroot.
Ad.14 Opvang Oekrainers, voordeel € 661.000
De opvang van de Oekrainers in Papenvoort is neutraal opgenomen in de begroting. Inkomsten en uitgaven zijn gelijk waarbij al rekening is gehouden met een storting in de reserve. De uitgaven met betrekking tot de exploitatie van het gebouw, het onderhoud van het terrein, de maatschappelijke begeleiding en de beveiliging zijn lager uitgevallen dan waar in de begroting rekening mee is gehouden.
Hierdoor is een voordeel ontstaan van € 661.000.
Van dit voordeel wordt na resultaatbestemming een bedrag van € 471.000 aan de reserve opvang en vastgoed toegevoegd om alle risico’s ten aanzien van de sluiting van de opvang op te vangen en een bedrag van € 190.000 aan de reserve verevening middelen rijkstaken.
Ad. 15 Opvang asielzoekers, voordeel € 106.000
In Gieten op de Biester worden circa 80 asielzoekers opgevangen. Het pand is sinds januari 2024 in eigendom van de gemeente. Vanuit het Rijk ontvangen we een vaste vergoeding per bed per nacht. Deze vergoeding is in juni 2025 naar beneden bijgesteld. Ondanks de verlaging is er over 2025 nog steeds een voordeel op de opvang in de Biester van € 106.000. Dit bedrag wordt na resultaatbestemming toegevoegd aan de reserve verevening middelen rijkstaken.
Ad.16 Sociaal Domein, totaal nadeel € 2.294.000
Binnen het sociaal domein zien we in 2025 een tekort van ruim 2 miljoen. Al meerdere jaren is sprake van structurele tekorten op het sociaal domein. Eén van de bij de begroting vastgestelde uitgangspunten is dat we rijkstaken uitvoeren met rijksmiddelen. In de praktijk blijkt echter dat deze middelen in toenemende mate niet meer toereikend zijn en leidt dit tot tekorten die incidenteel worden afgedekt.
Zichtbaar is dat de totaal aan uitgaven in het sociaal domein jaarlijks toenemen. Dit wordt onder andere veroorzaakt door hoge inflatie en CAO-stijgingen en doordat de complexiteit en daarmee de kosten van de zorg toenemen. Het tekort op de begroting wordt grotendeels verklaard door een tekort op de Jeugdwet (3.7 miljoen ten opzichte van de begroting). In de najaarsnota is reeds melding gemaakt van een verwacht tekort binnen het jeugddomein en een overschot op Wmo. Inmiddels blijkt echter dat de kostenstijging zich breed heeft voorgedaan: zowel binnen de Wmo als het jeugddomein zijn de uitgaven hoger uitgevallen dan geraamd, mede als gevolg van de toenemende grilligheid en onvoorspelbaarheid van de vraag naar ondersteuning.
Tegelijkertijd werken we aan verschuiving van zorg naar het voorliggende veld. We zetten hier steeds nadrukkelijker op in door het versterken van preventieve en laagdrempelige ondersteuning, met als doel zwaardere en duurdere zorg waar mogelijk te voorkomen. Voorbeelden hiervan zijn de inzet van de praktijkondersteuner jeugd bij huisartsen en de pilot buurtgezinnen. We hopen dat deze inzet op termijn een positief effect zal hebben, maar het blijft lastig om vooraf goed in te schatten wanneer en in welke mate dat effect zichtbaar wordt.
Ad. 16.1 Jeugdwet, nadeel € 3.709.000
Wanneer we kijken naar de kosten van jeugdhulp in de afgelopen jaren, zien we dat deze structureel stijgen. Deze stijging wordt niet veroorzaakt door een toename van het aantal jeugdigen dat jeugdhulp ontvangt, maar door de toegenomen zwaarte en complexiteit van de ondersteuning. De zwaarte van de kosten zit met name in de hogere interventieniveaus, ofwel de zwaardere zorg. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om jeugdigen die intensieve begeleiding of 24-uurs zorg nodig hebben. Voor deze jeugdigen zijn de kosten per traject aanzienlijk hoger. Als gemeente zijn wij verplicht om passende ondersteuning te bieden aan jeugdigen die dit nodig hebben.
Ad 16.2 Wmo (exclusief beschermd wonen), voordeel € 13.000
Binnen de Wmo is sprake van een lichte stijging van de kosten. Deze stijging wordt voornamelijk veroorzaakt door inflatie en CAO-stijgingen. Het aantal inwoners dat gebruikmaakt van Wmo-ondersteuning is het afgelopen jaar niet significant toegenomen.
Daarnaast zijn de kosten van woningaanpassingen gestegen. Dit komt enerzijds doordat het aantal uitgevoerde woningaanpassingen is toegenomen en anderzijds doordat de kosten per woningaanpassing hoger zijn geworden. Het aantal aanvragen voor woningaanpassingen neemt toe doordat steeds meer ouderen langer zelfstandig thuis blijven wonen. Tegelijkertijd is het aanbod van passende voorliggende voorzieningen, zoals voldoende aangepaste woningen, beperkt als gevolg van de aanhoudende woningkrapte.
Ad. 16.3 Wmo Beschermd Wonen, voordeel € 1.402.000
Er is sprake van een incidenteel voordeel van € 1,4 miljoen. Sinds de openstelling van de Wet langdurige zorg (Wlz) voor cliënten Beschermd Wonen per 1 januari 2021 zijn veel cliënten uitgestroomd uit de regionale voorziening Beschermd Wonen. De nieuwe instroom is tot op heden beperkt gebleven. Destijds was de verwachting dat de rijksbijdrage voor Beschermd Wonen in de daaropvolgende jaren zou worden verlaagd. Een bijstelling van deze rijksbijdrage heeft echter nog niet plaatsgevonden en zal naar verwachting ook vóór 2027 niet plaatsvinden. Als gevolg van de afname van het aantal cliënten en de daarmee samenhangende lagere kosten, in combinatie met een rijksbijdrage die hierop niet is aangepast, is in de afgelopen jaren een aanzienlijk overschot ontstaan op Beschermd Wonen.
Aangezien deze Rijksmiddelen een algemeen dekkingsmiddel zijn hoeven deze overschotten niet terugbetaald te worden en staan zijn deze vrij beschikbaar voor de gemeente. Het incidentele overschot zal worden ingezet voor het dempen van de tekorten binnen de Jeugdhulp en de Wmo.
Het totale tekort op het Sociaal Domein € 2.294.000 wordt na resultaatbestemming aan de reserve verevening middelen rijkstaken.
Ad. 17 Incidentele budgetten, voordeel € 2.795.000
Door de raad zijn voor 2025 een aantal incidentele budgetten (voordeel € 3.032.000) geraamd die nog niet ingezet zijn , maar waar wel werk of een verplichting tegenover staat. Daarnaast kunnen er budgetten vrijvallen (€ 237.000) waarvan de activiteiten zijn afgerond, zie punt 12. Voor een overzicht verwijzen wij u naar de bijlage reserve onderhanden werk. Na resultaatbestemming wordt dit bedrag toegevoegd aan de reserve onderhanden werk.
Ad. 18 Uitvoeringskosten Nij Begun, voordeel € 382.000
Van de organisatiemiddelen Nij Begun die over 2024 hebben ontvangen is nog een bedrag ad € 382.000 resterend. De middelen zijn bestemd voor de kosten die we als organisatie extra moeten maken om de zaken rond NijBegun en de Regiodeal Vitaal Verbonden goed te kunnen wegzetten. Omdat dit in 2025 nog niet volledig vorm heeft gekregen zijn niet alle middelen uitgegeven. We verwachten in 2026 hier een slag in te kunnen maken. Het voordeel wordt na resultaatbestemming (terug)gestort in de reserve Organisatiekosten Nij Begun.
Ad. 19.1 Resultaat lopende grondexploitatie Nooitgedacht, voordeel € 646.000
Op basis van de percentage of completion (POC) methode wordt in 2025 in totaal ruim 1,1 mln aan tussentijdse winst genomen. Hiervan is 480.000 reeds genomen in de najaarsnota.
Er moet tussentijds winst worden genomen, omdat er in 2025 minder kosten zijn gemaakt dan begroot. Daarnaast zijn de resterende nog te maken kosten zijn naar beneden bijgesteld. De verwachting is dat de grondexploitatie Nooitgedacht eind 2027 wordt afgerond.
Ad. 19.2 Resultaat lopende grondexploitatie Bloemakkers, nadeel € 69.000
De lopende grondexploitatie Bloemakkers wordt afgesloten met een nadeel van € 69.000,-. Dit bedrag wordt onttrokken uit de reserve grondbedrijf. Dit nadeel wordt verklaard doordat de kosten met betrekking tot de saneringswerkzaamheden hoger zijn uitgevallen dan voorzien en dat er een bedrag voor nog uit te voeren werkzaamheden is opgenomen op de balans.