Vergezichten

Inhoud

Inleiding

Het hoofdstuk 'Vergezichten' is het tweede onderdeel van de kadernota.
In dit hoofdstuk zijn een aantal grotere ontwikkelingen beschreven die op ons af komen en mogelijk een grote impact hebben op onze gemeente. 
Bij elk onderwerp zijn specifiek een aantal vragen aan de raad gesteld. 

Vergezichten

Inleiding 

We zien een aantal maatschappelijke ontwikkelingen op ons afkomen. Uitdagingen die de komende jaren nadrukkelijk op de bestuurlijke, politieke en maatschappelijke agenda staan. Het gaat hierbij om integrale ontwikkelingen die ook onderling met elkaar verband houden.

We willen met uw raad nadenken over of we het eens zijn over de uitdagingen waar we voor staan en of we binnen onze mogelijkheden op de goede weg zijn of dat bijsturing nodig is. In dit vergezicht gaan we kort in op de maatschappelijke ontwikkeling en uitdagingen die we zien, maar ook op de impact op de gemeentelijke organisatie én blikken we vooruit op de mogelijke effecten voor de toekomst. We stellen daarbij ook een aantal vragen aan uw raad.

In de vergezichten nemen we de volgende thema’s mee:

  1. Impact Coronacrisis nu en straks
  2. Ondernemen in de toekomst
  3. Wonen in Aa en Hunze
  4. Inzetten op duurzaamheid
  5. Rol gemeente in ontwikkeling

 

1. Impact Coronacrisis nu en straks
De uitbraak van het Coronavirus in 2020 heeft in meerdere opzichten de wereld en ook Aa en Hunze opgeschud. We bevinden ons in een crisis van ongekende omvang. Een pandemie die ons voor grote uitdagingen stelt. Uitdagingen om de crisis te bezweren door besmettingen te voorkomen, een toereikend vaccinatieprogramma op te zetten en uit te rollen, de maatschappelijke effecten op te vangen en de economie draaiend te houden. Al deze uitdagingen gaan met vallen en opstaan. Het is voor iedereen in deze schaal en omvang nieuw. Ook de gemeente heeft hierin verschillende rollen, voelt hierin verantwoordelijkheid of wordt gevraagd om een nog onbekende rol op te pakken.

Onlangs publiceerde Trendbureau Drenthe een onderzoek naar de gevolgen van de coronacrisis in Drenthe. Het onderzoek heeft belangrijke aandachtspunten opgeleverd die kunnen bijdragen aan het beperken van de negatieve gevolgen en het op peil houden van de kwaliteit van leven in onze provincie. We hebben bij het schrijven van deze beschouwing dankbaar gebruik gemaakt van het resultaat.

In de slotbeschouwing van dit onderzoek klinkt door dat de samenleving veerkrachtig is, maar – zeker tijdens en na de coronacrisis – een overheid nodig heeft, die kwetsbare groepen ziet en steunt. Er liggen belangrijke opgaven op het gebied van werk, inkomen en schulden. Daarnaast is de komende tijd extra politieke en maatschappelijke aandacht nodig voor het toekomstperspectief voor jongeren en voor de sociale samenhang in dorpen en wijken. Deze lichten we onderstaand toe.

Werk, inkomen, schulden
Het onderzoek laat zien dat een kwart van de zelfstandige ondernemers opdrachten of inkomsten (gedeeltelijk) is verloren door de coronacrisis. Vooral zzp’ers met lage tarieven die het voorheen al moeilijk hadden, zijn getroffen. In 2020 viel over de hele linie het aantal bedrijfsfaillissementen mee, maar naar verwachting gaan in 2021 zowel bij ondernemers als (hun) werknemers grotere klappen vallen. Sommige branches zullen blijvend veranderen. Landelijk is beleid nodig ter stimulering van economisch herstel, uiteraard met oog voor duurzaamheid. Daarnaast zal landelijk debat gevoerd moeten worden over de (doorgeschoten) flexibilisering van de arbeidsmarkt. Het gaat hierbij om allerlei ontwikkelingen die ertoe leiden dat personeel in vaste dienst wordt vervangen door flexibele arbeidskrachten (zoals werknemers met een tijdelijk dienstverband, oproepkrachten, uitzendkrachten en zzp'ers). De regio en dus ook gemeenten kunnen veel betekenen voor de kwetsbaarste groepen, die er niet (meer) in slagen op eigen kracht uit de problemen te komen. Voorbeelden zijn: hulp bij schulden, om- en bijscholingsfaciliteiten en (bedrijfs)advies op maat.

Leren en ontwikkelen
Een toenemend deel van de leerlingen en studenten loopt een achterstand op in het onderwijs en heeft motivatieproblemen. Vooral in het mbo en hbo en op de universiteit laat de kwaliteit van onderwijs volgens ouders vaak te wensen over. Veel jongeren (18+) ervaren de coronatijd als een aanslag op hun sociale leven en mentale gezondheid, en op hun (toekomstige) portemonnee. Voor het onderwijs ligt er een aanzienlijke uitdaging om de leerlingen en studenten (weer) te motiveren en bij te spijkeren. Voor de hele samenleving is het zaak dat jongeren toekomstperspectief zien. Daartoe zijn nieuwe creatieve oplossingen nodig, die jongeren zelf het best kunnen bedenken en ontwikkelen. Belangrijk is dat jongeren in staat worden gesteld en waar nodig gestimuleerd om mee te denken over de toekomst en invloed kunnen hebben.

Sociale samenhang
De afname die zich aftekent in de sociale samenhang, is zorgelijk. Juist in deze tijden zijn contacten erg belangrijk. Uit het onderzoek blijkt dat slechts een klein deel ervaart dat dorps- en buurtgenoten door ‘corona’ meer naar elkaar omkijken. De eenzaamheid is toegenomen. Maatschappelijke (vrijwilligers)organisaties hebben het moeilijk. Hopelijk hebben verenigingen, ontmoetingsplekken en inwonersinitiatieven voldoende veerkracht om na ‘corona’ hun sociale functie te kunnen heroveren. Als gemeente kunnen we onder meer bijdragen door in beeld te brengen waar de gaten vallen en inwoners uit te dagen op de één of andere manier invulling te geven aan noodzakelijke sociale functies. Het onderzoek doet vermoeden dat dorpen en buurten waar de sociale samenhang klein is, extra aandacht behoeven.

Gezondheid
De coronacrisis komt hard aan bij mensen met een matige of slechte gezondheid. Ze zijn kwetsbaarder bij een besmetting met het virus. En in het onderzoek scoren ze opvallend hoog op eenzaamheid en (financiële) zorgen. Deze uitkomsten bevestigen dat preventief gezondheidsbeleid zeer relevant is. Het samengaan van gezondheidsproblemen met armoede of schulden is en blijft daarin een belangrijk onderdeel.


Vraag aan de raad:

  1.  Deelt u deze beleidsmatige uitdagingen of ziet u ook nog andere?
  2. Bent u met ons van mening dat alle vier thema’s aandacht behoeven, maar dat we ons eerst verder focussen op ‘sociale samenhang’, ‘leren en ontwikkelen’ en ‘werk, inkomen, schulden’ en dat ‘gezondheid’ iets voor langere adem is en dat we voor de eerste drie samen met betrokken partners gaan nadenken hoe we in Aa en Hunze handen en voeten kunnen geven aan de genoemde uitdagingen?
  3. En bent u het met ons eens dat het in 2021 organiseren van rondetafelgesprekken met inwoners, organisaties en ondernemers een goede eerste stap is om te bezien welke acties er in Aa en Hunze nodig en mogelijk zijn en door wie?

 

2. Ondernemen in de toekomst
Op het vlak van ondernemen in Aa en Hunze zien we verschillende ontwikkelingen op ons afkomen. Allereerst dat het digitaal winkelen een enorme boost heeft gekregen in de afgelopen periode. Zo nam in Nederland het aantal winkelvestigingen het afgelopen decennium af. Tegelijkertijd neemt het online winkelen toe. De coronacrises leidt ertoe dat dit z’n effect blijft houden. Daarnaast kan ook de prijsontwikkeling van het onroerend goed van invloed zijn op het winkelbestand. Bij stijgende huurprijzen van winkelpanden, wordt het voor ondernemers steeds lastiger om het hoofd boven water te houden. Tenslotte is ook de veranderende marktvraag van invloed, doordat kopers zich meer richten op het aanschaffen van duurzaam geproduceerde producten. Plaatst dit ons voor nieuwe uitdagingen? Is er meer behoefte aan afhaalpunten voor pakketten? Ontstaat er meer leegstand bij fysieke winkels?

Het zijn met name de non-food winkels die verdwijnen. Het aantal supermarkten neemt zelfs toe. Om die reden zal de impact voor Aa en Hunze minder groot zijn. Inwoners gaan met name ‘boodschappen doen’ in de vier grotere kernen van onze gemeente.

Echter, ontwikkelingen staan niet stil. Het is van belang om nu alvast voor te sorteren op de verdergaande digitalisering en daarnaast na te denken over de vraag hoe we de vier grote kernen van onze gemeente toekomstbestendig houden. Wat zorgt ervoor dat mensen de winkels blijven bezoeken? Een dergelijke winkelstraat van de toekomst heeft voldoende belevingswaarde en gelegenheid om elkaar te ontmoeten, zoals de mogelijkheid om een kopje koffie te drinken bij de bakker in het dorp. Voor elke ondernemer is het van belang dat ‘er reuring is’. Dat geldt zeker voor een gemeente als de onze met een sterke toeristische en recreatieve sector.

Dankzij de coronacrisis is Aa en Hunze nog aantrekkelijker geworden voor toeristen en recreanten. Mensen zoeken nu meer rust en ruimte, en trekken de natuur in. Wel is het belangrijk dat we nagaan wat de goede balans is tussen enerzijds de groei van de toeristische en recreatieve sector en anderzijds een aantrekkelijke gemeente blijven. Het Recreatieschap Drenthe doet onderzoek naar de juiste balans hierin.

Vraag aan de raad:

  1. Deelt u deze beleidsmatige uitdagingen of ziet u ook nog andere?
  2. Bent u met ons van mening dat het van belang is om nu alvast voor te sorteren op de effecten van het digitaliseren, de prijsontwikkeling van het onroerend goed en de veranderende marktvraag? En dat een mogelijke oplossing gelegen is in het inschakelen van een tussenpersoon die gericht ontbrekende schakels in de winkelstraat van de toekomst kan verwerven?
  3. Bent u met ons van mening dat, willen we onze vier grote kernen toekomstbestendig houden, het van belang is om hier een focus in aan te brengen door ons economisch en recreatieve profiel te versterken? En dat het een goede zaak is om, zodra de resultaten van bovengenoemd onderzoek van het Recreatieschap Drenthe bekend zijn, hierover met elkaar in gesprek gaan?

 

3. Wonen in Aa en Hunze
Op het gebied van wonen in Aa en Hunze zien we verschillende ontwikkelingen op ons afkomen. Zo ontstaat er meer druk op de sociale huursector als gevolg van huisvesting van kwetsbare inwoners en statushouders. Daarnaast stagneert de doorstroom van ouderen naar een ander type  woning, waardoor de woningmarkt voor starters op de koopmarkt moeilijk bereikbaar wordt. Niet alleen zijn er te weinig woningen, de woningen zijn vaak ook te duur voor starters.

Daarnaast zien we de laatste jaren een trek van de stad naar het platteland, omdat mensen juist het wonen in een rustige en groene omgeving meer gaan waarderen. De coronacrisis lijkt dit proces te versnellen, doordat een prettige woonomgeving steeds belangrijker wordt voor mensen. Het gevolg is dat de druk op de woningmarkt in onze gemeente alleen maar toeneemt.

Deze ontwikkelingen roepen de vraag op welke rol we willen vervullen in het regionale woningtekort en waar we het zwaartepunt in het woningtekort voor de inwoners van Aa en Hunze leggen. En welke mogelijkheden hebben we daarbij? Dient het woningaanbod te worden uitgebreid en zo ja, waar vindt deze uitbreiding dan plaats? Een antwoord op de laatste vraag wordt meegenomen in de op te stellen woonvisie.

Vraag aan de raad:

  1. Deelt u deze beleidsmatige uitdagingen of ziet u ook nog andere?
  2. Bent u met ons van mening dat de oplossing misschien gelegen is in een onconventionele aanpak van bovengenoemde ontwikkeling met betrekking tot de bijzondere doelgroepen? Pakken we als gemeente een andere rol en kijken we of we tot andere creatieve oplossingen kunnen komen?

 

4. Inzetten op duurzaamheid
Er staat de komende tien jaar veel te gebeuren op het gebied van het thema duurzaamheid. We gaan aan de slag met de uitwerking van de Regionale Energie Strategie (RES) en de Warmte Transitie Visie en zoeken daarbij de verbinding met inwoners.

Met het opstellen van de RES is vanuit de landelijke en provinciale overheid een opgave opgelegd om te verduurzamen, waarbij het aan particulieren, ondernemers enzovoort is om te bepalen hoe ze dat doen. Als gemeente nemen we zelf ook onze verantwoordelijkheid hierin door bijvoorbeeld onze gebouwen energieneutraal te maken. Daarnaast hebben we, bijvoorbeeld op het vlak van het opwekken van energie, een actievere rol.

Als overheid geven we dus op verschillende manieren vanuit meerdere rollen invulling aan de verduurzaming. De vraag is op welke wijze en vanuit welke rol. Neem bijvoorbeeld het verduurzamen van woningen. Hoewel woningeigenaren hier positief tegenover staan, brengt het een investering met zich mee die ze misschien niet kunnen of willen maken. Laten we de oplossing hiervoor over aan de markt? Of is er meer sturing vanuit de overheid nodig? Hoe overtuigen we mensen om te investeren in verduurzaming? Door ze op te roepen om hun woningen te isoleren of stimuleren we dit door financiële ondersteuning te bieden?

Vraag aan de raad:

  1. Bent u het met ons eens dat we meer focus en prioriteit dienen aan te brengen in de verschillende rollen die we als overheid hebben in het kader van duurzaamheid?

 

5. Rol gemeente in ontwikkeling
De samenleving verandert en als gemeente ontwikkelen we daarin mee. Er wordt hierbij een beroep gedaan op het aanpassingsvermogen van de gemeente om in te kunnen spelen op ontwikkelingen in de samenleving en in de eigen organisatie.

In de praktijk zien we dat de gemeente verschillende rollen, afhankelijk van de situatie, vervult. Daar waar het kan, ligt het initiatief bij de inwoner(s) en faciliteert de gemeente slechts. In het geval van openbare orde en veiligheid is de rol van de gemeente die van handhaver. Tot slot heeft de gemeente een zorgplicht richting haar inwoners en nemen wij hierin de regie. Bij nieuw beleid of nieuwe taken moeten we helder hebben welke rol we als gemeente hebben. Zijn we normerend en moeten we steviger acteren of kunnen we meer loslaten en het aan de samenleving over laten?

Daarnaast is het van belang dat we flexibiliteit creëren in onze organisatie om in te kunnen spelen op deze veranderingen. De krapte op de arbeidsmarkt maakt het lastig voor een kleinere gemeente als Aa en Hunze om kwalitatief goede mensen aan te trekken. Tegelijkertijd is het van belang dat medewerkers vitaal en competent blijven om mee te gaan in nieuwe ontwikkelingen (duurzame inzetbaarheid van medewerkers).

Bovengenoemde ontwikkelingen vragen om een meebewegende gemeente die in verschillende situaties passend handelt en stuurt. Dit vraagt om heroverweging van het type gemeente dat we willen zijn.

Niet alleen qua type organisatie, maar ook hoe we invulling geven aan de huisvestingscomponent nu we meer thuiswerken. Blijven we straks meer vanuit huis werken? Hebben we meer digitale overleggen en daarmee minder behoefte aan vergaderfaciliteiten? Wat zijn de gevolgen voor automatisering etc.? Allemaal vragen die de komende periode beantwoord moeten worden.

Vragen aan de raad:

  1. Deelt u de veranderende rol en opgave waar de gemeente voor staat en staat u open voor een gesprek over welk type gemeente we willen zijn? Gaan we van het zijn van een regiegemeente naar (op sommige onderdelen) een robuuste gemeente?
  2. Bent u met ons van mening dat het goed is om verder na te denken over mogelijk blijvende wijzigingen ten aanzien van thuiswerken en de digitale mogelijkheden die afgelopen periode benut zijn en de consequenties die dit me zich meebrengt t.a.v. huisvesting, faciliteiten, automatisering etc.

Indien ‘ja’, dan willen we hiervoor nadere procesvoorstellen doen in de programmabegroting van 2022.

  1. Ziet u andere uitdagingen voor het heden of de nabije toekomst waar we ons op moeten voorbereiden?
Publicatiedatum: 31-03-2021

Inhoud